Storingsvrij | Systeemstatus-Register
De Autoriteit voor Zakelijke Integriteit en Transactietoezicht
Zoeken
Home / Bestuurdersaansprakelijkheid

Bestuurdersaansprakelijkheid: wanneer kunt u de bestuurder aanspreken?

Een bv of nv die niet betaalt, schermt haar bestuurders in beginsel af. Toch kan een bestuurder in bepaalde gevallen persoonlijk aansprakelijk zijn. Lees welke routes er zijn, wat u als schuldeiser kunt doen en hoe u zich vooraf beschermt.

Bestuurdersaansprakelijkheid is de persoonlijke aansprakelijkheid van een bestuurder voor schade die de vennootschap of haar schuldeisers lijden. Uitgangspunt is dat een bv of nv zelf aansprakelijk is voor haar schulden en niet de mensen die haar besturen. Alleen als een bestuurder iets ernstig te verwijten valt, kan hij persoonlijk worden aangesproken.

Voor u als schuldeiser is het belangrijk om te weten wanneer die uitzondering zich voordoet. Op deze pagina leest u welke vier routes er zijn, wat de Beklamel-norm en selectieve betaling inhouden, welke rol de curator speelt en wat u zelf kunt doen. Ook leest u hoe u met een borgstelling voorkomt dat u afhankelijk bent van een moeilijke procedure.

Bestuurdersaansprakelijkheid tegenover schuldeisers
Bestuurdersaansprakelijkheid is de uitzondering op de regel dat alleen de vennootschap aansprakelijk is voor haar schulden.

Wat is bestuurdersaansprakelijkheid?

Om bestuurdersaansprakelijkheid te begrijpen, begint u bij de rechtsvorm. Een besloten of naamloze vennootschap is een rechtspersoon met een eigen vermogen. Wie met een bv zaken doet, contracteert met de bv en niet met de bestuurder. Gaat de bv failliet, dan zijn haar schulden in beginsel niet de schulden van de bestuurder. Dat is de bedoeling van de rechtsvorm: ondernemers kunnen risico nemen zonder hun privévermogen op het spel te zetten.

Die bescherming is niet onbeperkt. De wet en de rechtspraak kennen situaties waarin een bestuurder persoonlijk aansprakelijk is. De drempel is hoog: de rechter neemt aansprakelijkheid alleen aan als de bestuurder een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt. Een onverstandige zakelijke beslissing of slechte resultaten zijn daarvoor niet genoeg. Bestuurdersaansprakelijkheid is dus een uitzondering, geen standaardroute om een onbetaalde factuur alsnog te innen.

Let op: bij een eenmanszaak, vof of maatschap bestaat geen afscherming. De ondernemer of de vennoten zijn daar sowieso met hun privévermogen aansprakelijk. Bestuurdersaansprakelijkheid speelt dus vooral bij de bv en de nv, en ook bij stichtingen en verenigingen die een onderneming drijven.

4 routes voor bestuurdersaansprakelijkheid

RouteWie spreekt de bestuurder aan?Kern
Art. 2:9 BW: onbehoorlijke taakvervullingDe vennootschap zelf (interne aansprakelijkheid)De bestuurder heeft zijn taak ernstig verwijtbaar slecht vervuld.
Art. 2:248 BW: kennelijk onbehoorlijk bestuurDe curator, na faillissementOnbehoorlijk bestuur is een belangrijke oorzaak van het faillissement.
Art. 6:162 BW: onrechtmatige daadDe individuele schuldeiserDe bestuurder heeft persoonlijk onrechtmatig gehandeld tegenover die schuldeiser.
Contractuele aansprakelijkheidDe schuldeiser met wie dat is afgesprokenDe bestuurder heeft zich persoonlijk verbonden, bijvoorbeeld als borg.

De wetsartikelen vindt u in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek en Boek 6. Voor een schuldeiser zijn vooral de derde en de vierde route van bestuurdersaansprakelijkheid van direct belang. De eerste route loopt via de vennootschap en de tweede via de curator.

Bestuurdersaansprakelijkheid: vier routes
Vier routes voor bestuurdersaansprakelijkheid.

Interne bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:9 BW)

Elke bestuurder is tegenover de vennootschap gehouden zijn taak behoorlijk te vervullen. Doet hij dat ernstig verwijtbaar niet, dan kan de vennootschap hem aanspreken voor de schade. Denk aan het negeren van statutaire regels, het aangaan van grote risico’s zonder toestemming of het gebruiken van vennootschapsgeld voor privédoeleinden.

Deze vorm van bestuurdersaansprakelijkheid is intern: de vordering komt toe aan de vennootschap, niet aan u als schuldeiser. Na een faillissement kan de curator deze vordering namens de vennootschap instellen. Een eventuele opbrengst valt in de boedel en komt zo indirect ten goede aan alle schuldeisers.

Voor u als schuldeiser betekent dit vooral: als u aanwijzingen heeft van zulk gedrag, deel die dan met de curator. Interne bestuurdersaansprakelijkheid kan ook buiten faillissement spelen, bijvoorbeeld als aandeelhouders een vertrokken bestuurder aanspreken, maar daar heeft u als schuldeiser geen rol in.

Kennelijk onbehoorlijk bestuur en de rol van de curator (art. 2:248 BW)

De tweede route naar bestuurdersaansprakelijkheid loopt via de curator. Na een faillissement van een bv of nv kan de curator de bestuurders hoofdelijk aansprakelijk stellen voor het tekort in de boedel als zij hun taak kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld en dit een belangrijke oorzaak van het faillissement is. Het gaat om bestuur waarvan redelijk denkende bestuurders zouden zeggen dat het zo niet had gemogen.

De wet geeft de curator een belangrijk hulpmiddel. Heeft het bestuur de boekhoudplicht niet nageleefd of de jaarrekening niet op tijd gedeponeerd, dan staat vast dat het bestuur zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld en wordt vermoed dat dit een belangrijke oorzaak van het faillissement is. De bestuurder kan dat vermoeden weerleggen door aannemelijk te maken dat andere oorzaken het faillissement hebben veroorzaakt.

  • De vordering kan alleen worden ingesteld door de curator, niet door een individuele schuldeiser.
  • Het gaat om onbehoorlijk bestuur in de drie jaar vóór het faillissement.
  • De aansprakelijkheid geldt voor het hele tekort in de boedel, dus voor alle schuldeisers samen.
  • Ook feitelijk beleidsbepalers, die zich als bestuurder gedragen zonder formeel benoemd te zijn, kunnen worden aangesproken.

U kunt de curator wel helpen. Meld concrete feiten, zoals een ontbrekende administratie of het wegsluizen van activa vlak voor het faillissement. Lees de openbare faillissementsverslagen, waarin de curator vaak meldt of hij onderzoek doet naar bestuurdersaansprakelijkheid.

Een curator die bestuurdersaansprakelijkheid onderzoekt, heeft vaak weinig middelen in de boedel om een procedure te voeren. Het komt voor dat curatoren daarom een schikking treffen met de bestuurder. Uw informatie kan het verschil maken tussen een zwakke en een sterke positie van de curator.

De Beklamel-norm: verplichtingen aangaan die niet worden nagekomen

De bekendste route naar bestuurdersaansprakelijkheid voor een individuele schuldeiser is de onrechtmatige daad (art. 6:162 BW). Een bestuurder handelt onrechtmatig tegenover een schuldeiser als hij namens de vennootschap een verplichting aangaat terwijl hij wist of redelijkerwijs had moeten begrijpen dat de vennootschap die niet zou kunnen nakomen en geen verhaal zou bieden voor de schade. Deze maatstaf heet naar een bekende zaak de Beklamel-norm.

Voorbeeld. Een bv bestelt in oktober voor € 40.000 aan materialen. De bestuurder weet op dat moment dat de bank het krediet heeft opgezegd, dat de loonbetaling van november niet rond is en dat er geen zicht is op nieuwe financiering. Toch plaatst hij de order. In november gaat de bv failliet en de leverancier wordt niet betaald. In zo’n situatie kan de leverancier de bestuurder persoonlijk aanspreken.

U moet als schuldeiser wel aantonen dat de bestuurder het wist of had moeten weten op het moment dat de verplichting werd aangegaan. Bewijs zoals e-mails, eerdere achterstanden bij andere leveranciers en de financiële positie op dat moment is daarbij beslissend. Een bestuurder die redelijkerwijs mocht verwachten dat het goed zou komen, is niet aansprakelijk. Bestuurdersaansprakelijkheid op deze grond is dus sterk afhankelijk van de feiten rond het moment van de order.

Selectieve betaling en het frustreren van verhaal

Een tweede vorm van onrechtmatig handelen betreft de situatie waarin de vennootschap wél middelen had, maar de bestuurder ervoor zorgde dat u niet werd betaald. Een bestuurder mag in beginsel zelf kiezen welke schuldeisers hij als eerste betaalt. Dat is op zichzelf niet onrechtmatig.

Het wordt anders als er bijzondere omstandigheden zijn. Voorbeelden:

  • de bestuurder betaalt zichzelf of een groepsmaatschappij waarin hij belang heeft, terwijl hij weet dat andere schuldeisers dan niets krijgen;
  • vlak voor een faillissement worden goederen of geld onttrokken aan de vennootschap zonder reële tegenprestatie;
  • de bestuurder laat de vennootschap betalingen ontvangen op een rekening van een andere vennootschap, zodat schuldeisers er niet bij kunnen.

Ook bij deze vorm van bestuurdersaansprakelijkheid is de toets of de bestuurder een ernstig persoonlijk verwijt treft. Daarnaast kan een bestuurder aansprakelijk zijn als hij instemt met een uitkering aan aandeelhouders terwijl hij wist of had moeten voorzien dat de vennootschap daarna niet kon blijven betalen (art. 2:216 BW).

Fiscale bestuurdersaansprakelijkheid en de meldingsplicht

Voor bepaalde belastingschulden geldt een aparte regeling van bestuurdersaansprakelijkheid. Kan een vennootschap loonheffingen of omzetbelasting niet betalen, dan moet zij dat tijdig melden bij de Belastingdienst. Dat heet de meldingsplicht betalingsonmacht. Doet de vennootschap dat niet, dan kan de Belastingdienst de bestuurder makkelijker persoonlijk aansprakelijk stellen.

Voor u als handelsschuldeiser is dit indirect van belang. Een bestuurder die betalingsonmacht meldt, geeft daarmee aan dat de vennootschap haar schulden niet meer kan betalen. Gaat hij daarna nog verplichtingen aan bij leveranciers, dan kan dat relevant zijn voor de vraag of hij wist dat de vennootschap niet zou kunnen nakomen. Of een melding is gedaan, is voor u meestal niet openbaar; het kan wel naar voren komen in een procedure of in het verslag van de curator.

Wat u als schuldeiser kunt doen

  1. Leg feiten vast. Bewaar alle correspondentie, ook over de totstandkoming van de order. Noteer wat de bestuurder zei over de financiële situatie en de betaling.
  2. Controleer het Handelsregister. Wie was bestuurder op het moment van de order? Is de jaarrekening gedeponeerd? Gegevens vindt u bij de KVK.
  3. Kijk naar andere schuldeisers. Waren er op het moment van de order al achterstanden bij anderen? Een registratie in de Achterstandendatabank kan daar iets over zeggen. Via steunvordering zoeken komt u als deelnemer in contact met andere schuldeisers.
  4. Informeer de curator. Is de vennootschap failliet, meld dan uw vordering en uw bevindingen bij de curator.
  5. Stel de bestuurder aansprakelijk. Bij sterke aanwijzingen voor Beklamel of selectieve betaling kunt u de bestuurder schriftelijk aansprakelijk stellen. Laat dat doen door of in overleg met een advocaat.

Weeg de kosten af. Een procedure over bestuurdersaansprakelijkheid is bewerkelijk, en ook als u wint, moet de bestuurder privé verhaal bieden. Een advocaat kan inschatten hoe sterk uw bewijs is.

Bestuurdersaansprakelijkheid: wat u als schuldeiser kunt doen
Wat u als schuldeiser kunt doen in één oogopslag.

Preventie: borgstelling door de bestuurder

De zekerste manier om een bestuurder persoonlijk aan te spreken, is een afspraak vooraf. Met een borgtocht of een verklaring van hoofdelijke aansprakelijkheid verbindt de bestuurder of de directeur-grootaandeelhouder zich persoonlijk om te betalen als de vennootschap dat niet doet. U hoeft dan geen ernstig verwijt te bewijzen. Contractuele bestuurdersaansprakelijkheid is daarmee voor een leverancier de meest voorspelbare vorm.

Een borgstelling vragen ligt voor de hand bij:

  • een nieuwe bv zonder financiële geschiedenis;
  • een klant die meer krediet vraagt dan zijn kredietlimiet toelaat;
  • een bv met een negatief of zeer klein eigen vermogen;
  • een klant met eerdere betalingsproblemen.

Aandachtspunten: leg de borgtocht schriftelijk vast en laat de bestuurder persoonlijk tekenen, niet namens de bv. Noem het maximumbedrag en de looptijd. Is de bestuurder getrouwd of heeft hij een geregistreerd partnerschap, dan kan toestemming van de partner nodig zijn. Laat het document opstellen of controleren door een jurist.

Andere zekerheden, zoals eigendomsvoorbehoud, pandrecht of een bankgarantie, beschermen u zonder dat u afhankelijk bent van het privévermogen van de bestuurder. Combineer ze waar mogelijk.

Bestuurdersaansprakelijkheid stellen: voorbeeldbrief

Heeft u na overleg met uw advocaat besloten de bestuurder persoonlijk aan te spreken, dan begint dat meestal met een schriftelijke aansprakelijkstelling. Daarin legt u uit waarom u vindt dat de bestuurder persoonlijk aansprakelijk is en welk bedrag u vordert. Een voorbeeld van de opbouw:

Aan: [naam bestuurder], [privéadres of adres volgens Handelsregister]
Betreft: aansprakelijkstelling inzake vordering op [naam bv]

Geachte heer, mevrouw,

Op [datum] heeft u namens [naam bv] bij ons een order geplaatst voor € [bedrag]. Deze order is geleverd en gefactureerd, maar niet betaald. Uit [omschrijving feiten, bijvoorbeeld: uw e-mail van (datum) en de openstaande vorderingen van andere leveranciers op dat moment] blijkt dat u bij het plaatsen van de order wist of had moeten begrijpen dat [naam bv] deze niet zou kunnen betalen.

Wij stellen u daarom persoonlijk aansprakelijk voor de schade die wij hierdoor lijden, op grond van artikel 6:162 van het Burgerlijk Wetboek. Wij verzoeken u binnen 14 dagen na dagtekening het bedrag van € [bedrag] te voldoen of contact met ons op te nemen.

Houd de feiten in de brief concreet en controleerbaar. Vermijd beschuldigingen die u niet kunt onderbouwen. De bestuurder zal de brief vaak voorleggen aan zijn eigen advocaat of aan zijn aansprakelijkheidsverzekeraar, als hij een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering heeft. Een zakelijke, goed onderbouwde brief vergroot de kans op een serieuze reactie of een regeling.

Stuur de brief aangetekend en per e-mail, en bewaar het verzendbewijs. Zo kunt u later aantonen dat de bestuurder tijdig op de hoogte was van uw claim.

Bestuurdersaansprakelijkheid in de praktijk: aandachtspunten

  • Bewijs is beslissend. Bij externe bestuurdersaansprakelijkheid moet u de wetenschap van de bestuurder aantonen op het moment van de order. Hoe eerder u feiten vastlegt, hoe beter.
  • Bestuurderswisselingen. Controleer wie op welk moment bestuurder was. Een nieuwe bestuurder is niet zonder meer aansprakelijk voor beslissingen van zijn voorganger.
  • Holdingstructuren. Vaak is de bestuurder van een werkmaatschappij zelf een holding-bv. Dan kan de aansprakelijkheid doorwerken naar de natuurlijke persoon achter die holding, maar dat vraagt juridische beoordeling.
  • Verjaring. Ook een vordering op een bestuurder verjaart. Wacht niet te lang; zie verjaring.
  • Vennootschap in oprichting. Wie handelt namens een bv die nog niet is opgericht, is persoonlijk aansprakelijk zolang de bv die handelingen na oprichting niet heeft bekrachtigd.

Zakelijke schuldeisers die herhaaldelijk worden benadeeld door dezelfde personen achter wisselende vennootschappen, kunnen de Fraudedatabank raadplegen en melden.

Bestuurdersaansprakelijkheid: bestuurdersaansprakelijkheid in de praktijk: aandachtspunten
Bestuurdersaansprakelijkheid in de praktijk: aandachtspunten in één oogopslag.

Voorkomen dat bestuurdersaansprakelijkheid nodig is

Een procedure over bestuurdersaansprakelijkheid is een laatste redmiddel. Veel beter is het om te voorkomen dat u ooit in die positie komt. Dat begint bij klantacceptatie en loopt door in het debiteurenbeheer:

  • doe een kredietcheck voordat u op rekening levert;
  • bepaal een kredietlimiet die past bij het risico;
  • vraag zekerheid bij een verhoogd risico, zoals een borgstelling van de bestuurder;
  • volg bestaande klanten met de Bedrijfsmonitor, zodat u een melding krijgt bij nieuwe registraties;
  • stop met leveren op rekening zodra betalingen structureel uitblijven.

Is het al misgegaan en is de vennootschap failliet, lees dan meer over het verloop van een faillissementsaanvraag en over de rol van de curator in de categorie faillissement.

Veelgestelde vragen

Wat is bestuurdersaansprakelijkheid?

Bestuurdersaansprakelijkheid is de persoonlijke aansprakelijkheid van een bestuurder voor schade van de vennootschap of haar schuldeisers, als hem een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt.

Kan ik als schuldeiser de bestuurder van een bv aanspreken?

Ja, via de onrechtmatige daad (art. 6:162 BW), bijvoorbeeld als hij een verplichting aanging terwijl hij wist dat de bv niet zou betalen. De drempel is hoog.

Wat is de Beklamel-norm?

De regel dat een bestuurder onrechtmatig handelt als hij namens de vennootschap een verplichting aangaat terwijl hij wist of had moeten begrijpen dat de vennootschap die niet zou nakomen en geen verhaal zou bieden.

Mag een bestuurder kiezen welke schuldeisers hij betaalt?

In beginsel wel. Selectieve betaling kan onrechtmatig zijn bij bijzondere omstandigheden, zoals betaling aan zichzelf ten koste van andere schuldeisers.

Kan ik zelf een vordering op grond van art. 2:248 BW instellen?

Nee. Die vordering kan alleen de curator instellen, na een faillissement. U kunt de curator wel informeren.

Wanneer wordt onbehoorlijk bestuur vermoed?

Als het bestuur de boekhoudplicht niet heeft nageleefd of de jaarrekening niet op tijd heeft gedeponeerd. De bestuurder kan het vermoeden over de oorzaak van het faillissement weerleggen.

Hoe voorkom ik dat ik afhankelijk ben van bestuurdersaansprakelijkheid?

Vraag vooraf een borgstelling of hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder, of andere zekerheden zoals een bankgarantie of eigendomsvoorbehoud.

Is de bestuurder van een eenmanszaak ook beschermd?

Nee. Bij een eenmanszaak of vof is de ondernemer of zijn de vennoten met hun privévermogen aansprakelijk voor de schulden.

Voorkom risico’s vóórdat u levert

Als deelnemer van STZB controleert u zakelijke klanten op bekende betalingsachterstanden en komt u in contact met andere schuldeisers.

Aanmelden als deelnemerVraag een gesprek aan

Bestuurder aanspreken?

Leg feiten vroeg vast en vraag bij verhoogd risico vooraf een borgstelling. Controleer klanten met een kredietcheck.

Of bel: 085 – 303 47 20
Werkdagen 09.00 – 17.00 uur

English »

Blijf op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen via onze jaarlijkse rapportages.